Iliotibiale band syndroom

Omschrijving

Het iliotibiale band syndroom (ITBS) is één van de meest voorkomende blessures bij sporters. Het komt vooral voor bij hardlopers, triatleten, voetballers en wielrenners. Het is een overbelastingsletsel van het distale deel van de tractus iliotibialis.

Oorzaak

  • Er ontstaat laterale kniepijn: pijn ter hoogte van de buitenste femorale epicondyl (3 cm boven gewrichtsspleet) die bij belasting (lopen) opkomt en terug geleidelijk verdwijnt bij rust. De pijn wordt vaak beschreven als branderig.
  • De tractus iliotibialis is een verdikking van de fascia lata, die loopt van de crista iliaca anterior superior (van het bekken) naar de laterale tibiarand van het onderbeen. Er is een uitloper die zich vasthecht op ter hoogte van het buitenste deel van het femur. Dit is de plaats waar de ontsteking ontstaat.

Diagnosestelling

  • De echografie: geeft een bewegend beeld en laat geleide testinfiltratie toe: hypo-echogene zone tussen epicondyle en ITB (ilio-tibiale band). Kleurendoppler: toont soms toegenomen vascularisatie bij sterke ontstekingsreactie.
  • NMR maakt een onderscheid is mogelijk tussen de verschillende oorzaken van buitenste kniepijn: pees, meniscus, kraakbeen, bot. Een NMR is vooral aan te raden ter uitsluiting van andere oorzaken van kniepijn zoals letsels van kraakbeen en menisci.

Conservatieve behandeling

De behandeling is in de eerste plaats conservatief.

  • In eerste instantie moet de ontsteking bestreden worden. Dit kan gedaan worden met ontstekingsremmers, ijs, ultrageluid of elektrotherapie of een lokale corticosteroïd injectie.
  • Verder zal er een vermindering van de trainingsactiviteit moeten plaatsvinden van de beweging die de problemen veroorzaakt bijvoorbeeld hardlopen. Stretchen (rekken) van de tractus en de bilspieren is meestal één van de eerste zaken die aangepakt moet worden. Deze houden namelijk de tractus op spanning. De stretching wordt best 3x/dag gedurende minimum 3 maand uitgevoerd.
  • Aanpassing van sportactiviteiten en training.
    • Tijdelijk verminderen of vervangen door minder kniebelastende sport zoals zwemmen, aquajogging, step
    • Het reduceren van de trainingsafstand gedurende minstens twee weken.
    • Aanpassen van het terrein. Hardlopen en/of fietsen op vlak terrein gedurende tenminste twee weken. Bergop en bergaf lopen tijdelijk vermijden.
    • Rustige tempo pedaleren (80 rpm of minder) met weinig weerstand gedurende ten minste twee weken voor fietsers.
    • Een verlenging van deze periode van vier weken als de klachten blijven voortduren.
    • Volledige sportstop indien belangrijke last. Het hervatten van de training met korte afstanden, lichte weerstand of hardlopen op vlak terrein.
  • Schoenaanpassing, steunzolen. Eventueel loopanalyse op loopband.

Operatieve behandeling

  • In hardnekkige gevallen kan een chirurgische behandeling nodig zijn. Best wordt eerst een conservatieve therapie geprobeerd gedurende minimum 6 maand.
  • In samenwerking met La Clinique du Sport in Bordeaux Mérignac werd een arthroscopische techniek ontwikkeld. De ontsteking van de iliotibiale band wordt weggenomen via een kijkoperatie.De knie wordt eerst nagezien op andere letsels in het gewricht, die mogelijk dezelfde symptomen veroorzaken vb scheur van de laterale meniscus.
  • Er wordt een bijkomende opening gemaakt naast de knieschijf. Met een shaver wordt de aanhechting van de iliotibiale band aan het femur lostgemaakt. Het omliggend ontstoken weefsel wordt verwijderd. Nadien wordt een buisje in de knie achtergelaten om eventueel bloed op te vangen. Het buisje blijft één nacht ter plaatse en mag dan verwijderd worden.
  • Belangrijk is dat de patiënt beseft dat chirurgie alleen niet de sleutel is tot de oplossing. Het volgen van een aangepast revalidatieschema is noodzakelijk om herval en andere blessures te vermijden.

Revalidatie

 

Week 1

  • DOEL: controle van pijn en zwelling
    • IJsapplicatie.
    • Pijnmedicatie zo nodig. Best wordt Paracetamol genomen(3x1G). Indien onvoldoende pijnstilling kan een ontstekingsremmer geassocieerd worden.
    • Relatiever rust is belangrijk en ijsapplicatie zijn belangrijk de eerste week na de operatie. Volledige steunname is toegelaten. Toch is het best van enkele dagen met krukken te stappen.
 

Week 2-6

  • DOEL: herstel van range of motion en quadricepsfunctie
    • Mobilisatieoefeningen: mobilisatie van knieschijf, volledig strekken van de knie• Stretchingsoefeningen: 3x/dag dagelijks!
 

Vanaf week 6

  • DOEL: voorbereiden van sporthervatting
    • Progressief opdrijven van oefentherapie: quadriceps, kuitspier, hamstrings en tensor fascia lata. Vooral gesloten keten oefeningen
    • Verder stretchen
    • Er kan overgegaan worden tot sporten met lage impact: zwemmen, fietsen, step, aquajogging
 

Vanaf week 8

  • DOEL: opbouw van looptolerantie
    • Starten met lichtjes te lopen is pas toegelaten 2 maand postoperatief. Het is belangrijk dat de looptraining heel geleidelijk wordt opgebouwd. Best wordt een aangepast trainingsschema opgesteld.
    • Regelmatig stretchen blijft belangrijk.

Referenties

  • Drogset JO, Rossvoll I, Grontvedt T (1999) Surgical treatment of iliotibial band friction syndrome. A retrospective study of 45 patients. Scand J Med Sci Sports 9:296-298
  • Fairclough J, Hayashi K, Toumi H, Lyons K, Bydder G, Phillips N, Best T, Benjamin M (2006) The functional anatomy of the iliotibial band during flexion and extension of the knee: implications for understanding iliotibial band syndrome. J Anat 208:309-316
  • Holmes JC, Pruitt AL, Whalen NJ (1994) Iliotibial band syndrome in cyclists. Am J Sports Med 21:419-424
  • Nemeth WC, Sanders BL (1996) The lateral synovial recess of the knee: Anatomy and role in chronic iliotibial band friction syndrome. Arthroscopy 12:574-580
  • Noble C (1979) The treatment of iliotibial band friction syndrome. Br J Sports Med 13:51-54• Messier SP, Edwards DG, Martin DF, Lowery RB, Cannon DW, James MK, Curl WW, Read HM, Hunter DM (1995) Etiology of iliotibial band friction syndrome in distance runners. Med Sci Sports Exerc 27:951-960
  • Messier SP, Edwards DG, Martin DF, et al. Etiology of iliotibial band friction syndrome in distance runners. Med Sci Sports Exer 1995;27(7):951-960
  • Michels F, Jambou S, Allard M, Bousquet V, Colombet P, de Lavigne C. An arthroscopic technique to treat the iliotibial band syndrome. Knee Surg Sports Traumatol Arthrosc. 2009 Mar;17(3):233-6.
  • Muhle C, Mo Ahn JM, Yeg L, Bergman GA, Boutin RD, Schweitzer M, Jacobson JA, Haghighi P, Trudell DJ, Resnick D (1999) Iliotibial band friction syndrome: MRI imaging findings in 16 patients and MR arthrographic study of six cadaveric knees. Radiology 212:103-110
  • Richards D, Barber F, Troop R (2003) Iliotibial Band Z-lengthening. Arthroscopy 19:326-329
  • Sangkaew C (2007) Surgical treatment of iliotibial band friction syndrome with the mesh technique. Arch Orthop Trauma Surg 127:303-306
  • Tomlinson D, Carrigan R, Sennett B (2005) Calcified loose bodies trapped in the lateral synovial recess of the knee. Arthroscopy 21(9):1144
Terug naar boven